Om in aanmerking te kunnen komen voor een financiële ondersteuning door de Stichting Van Helden Tucker gelden de volgende voorwaarden:

  • Het project speelt zich af buiten Nederland.
  • Alleen projecten die via het aanvraagformulier zijn ingediend, kunnen behandeld worden.
  • Aanvrager moet een in Nederland gevestigde rechtspersoon c.q. stichting zijn en bij voorkeur een ANBI-status hebben. Opmerkingen:
    • In geval de aanvrager voor het betreffende project een NGO in het buitenland heeft, moet bij de aanvraag opgave van naam/adres etc. van deze NGO worden gedaan alsmede financiële jaarstukken worden overlegd.
    • Ook dient de aanvrager zo nodig te vermelden welke andere organisaties het project ondersteunen c.q. aan wie een verzoek tot ondersteuning is gedaan.
    • Indien een project wordt ingediend door een stichting zonder ANBI-status maar naar het oordeel van het bestuur van de Stichting Van Helden Tucker wel voor subsidie in aanmerking komt, dient de indiener er rekening mee te houden dat schenkbelasting moet worden betaald. Dit risico komt uitsluitend voor rekening van de aanvragende stichting die ook verantwoordelijk is voor het betalen van de schenkbelasting.
  • De voorkeur gaat uit naar projecten die kleinschalig zijn en die de gezondheid en/of de ontwikkeling van de plaatselijke bevolking bevorderen. Het kan hierbij zowel om kinderen gaan als om volwassenen.
  • Het project dient erop gericht te zijn dat de doelgroep op termijn financieel in eigen onderhoud kan voorzien (zgn. self propelling principe). Nog beter is het als het project op afzienbare termijn zichzelf kan bedruipen en niet meer afhankelijk is van “goede doelen”-organisaties.
  • Het door de stichting Van Helden Tucker beschikbare geld komt rechtstreeks ten goede aan het welzijn, de kennis of vaardigheden van de doelgroep (geen overhead, reiskosten, salarissen of bouwkosten).
  • De aanvragende stichting dient uit vrijwilligers te bestaan die geen vergoeding krijgen
  • Met de aanvraag moet een duidelijke begroting worden meegestuurd, waarbij de begroting van het project in verhouding moet staan tot de draagkracht van de aanvragende stichting.

NIET gesubsidieerd worden:

  • Overheadkosten
  • Bouwkosten (met name bij nieuwe projecten). Het bestuur kan hier in een enkel geval van afwijken
  • Reiskosten

Achteraf moet rekening en verantwoording worden afgelegd in de vorm van:

  • Een beschrijving van het verloop van het project
  • Verantwoording van de kosten
  • Eventueel foto’s (zeer welkom!)